Tja. Shakespeare zei het al eens: 'what's in a name'.
maandag 10 oktober 2022
Monstera In The Saddle
dinsdag 4 oktober 2022
Kapstok
woensdag 28 september 2022
Brievenbus
vrijdag 9 september 2022
Sigaar uit eigen....
Een van de belangrijkste voordelen van wandelen is, dat het stresshormoon cortisol omlaag gaat. In tegenstelling tot fietsen en hardlopen, wat je cortisol weer verhoogt. Dat komt, omdat je hartslag laag blijft en het niet gaat om de snelheid, afstand en prestatie. ( Voordelen van wandelen )
'Een klein rondje maar, dat is echt genoeg.Maar wat is een klein rondje?In elk geval niet helemaal rondom de dijk, maar wel een aantal stappen, anders haal je er geen voldoening uit.Ja maar, nu loop ik mezelf weer op te jutten en af te matten'.
(dit is het moment dat ik me Gollem uit Lord of the Rings begin te voelen)
donderdag 8 september 2022
Een Volkswagen busje, hij en zij
Zomer 2012
Een camping in de Vogezen. We hadden een tent gehuurd op een kleine camping met 2 bosmeertjes. 1 wat ondiep en modderig met water op goede temperatuur en een kleinere met helder maar koud water. Zo koud dat je bijna niet kon ademhalen als je erin stapte. Wel boordevol waterschepsels als een slangetje, spinnetjes en salamanders. Een camping waar bij elke kampeerplek een ijzeren velg lag waarin een kampvuurtje gemaakt mocht worden.
Het was zo'n vakantie waarvan ik hoop dat je die ook ooit hebt mee gemaakt. Waarvan de dagen vergleden met zon, zwemmen, een kasteel bezoeken, kinderen die zichzelf konden vermaken en waarop Man en ik wat lazen, praten, wijn dronken en weer wat dutten. Alsof er nooit een einde zou komen aan die fijne vrije dagen. Een vakantie waarin we samen plannetjes maakten en een kast ontworpen die we nog steeds hebben.
Het was in die vakantie dat ik ze zag liggen. Een oudere man en vrouw. Rondom 1 van de meertjes waren ook kampeerplekken voor mensen die kortere tijd kwamen kamperen. En zij stonden daar ook. Met hun klassieke groene Volkswagenbus. Ik verbaasde me erover hoe ze daarin konden eten koken, slapen en zitten bij regenachtige dagen. Waarschijnlijk iets met minimalisme en niet al te lang van lengte zijn.
Ze hadden op die warme dag een kleed uitgespreid op het gras voor hun bus en daar lagen ze samen op. Zij op haar rug en hij met zijn hoofd op haar buik. Hij had zijn ogen dicht. En het heerlijkste was dat zij een boek vasthield en hem voorlas. Ik kon me geen liefdevoller en ontspanner beeld bedenken dan deze twee mensen samen. Ik weet niet of hij luisterde of allang in slaap gevallen was door haar stem, maar het raakte me diep, deze twee mensen samen. Zo weinig nodig hebben en zo rijk zijn.
Romantiseer ik deze herinnering? Vast. Maar ergens zit er ook iets moois in, over hoe ik kijk naar de toekomst met Man als we ouder zijn en het ons gegeven is om nog samen te zijn. Het hoeft niet groots te zijn. Geen huis met een zwembad, verre reizen om maar wat te noemen. Rust, samen zijn, elkaar wijzen op goede dingen. Tijd door brengen. Niet haasten. Elkaar voorlezen en luisteren.
donderdag 1 september 2022
Kus
Ik zit op een terras met Man. De eerste keer sinds ik met een burn-out thuis kwam te zitten. Of misschien kun je beter zeggen: liggen. Dood en doodop was ik. Maar nu gaat het weer wat beter, zodat we sinds maanden samen weer de stad in kunnen. Ik vind het heerlijk om te zitten met een drankje, samen wat bijpraten en soms zwijgen en anderen observeren.
Ergens verderop het terras zitten een man en vrouw. Ze zitten op een bankje bij een van de tafels. Zij met haar benen vooruit onder de tafel, hij naast haar met aan elke kant van het bankje een been. Om met hem te praten moet ze steeds haar hoofd naar rechts draaien. Hij praat veel en doet zijn hoofd steeds vooruit naar haar. Af en toe kijkt ze opzij, zegt iets of ze giechelt.
Af en toe kussen ze elkaar, maar hij is steeds degene die het initiatief neemt. Steeds wanneer ze haar hoofd omdraait, kust hij haar gauw. Ik bepeins wat ze ervan vind, want ze kust hem wel terug, maar ze duwt zijn hoofd naar achteren. Een wat harde manier van kussen.
Mijn hoofd en fantasie beginnen wat te ratelen, zeker als Man opmerkt dat de man in kwestie veel ouder lijkt dan haar. 'Zijn secretaresse', fantaseert hij erbij. Ik bedenk dat ze elkaar vast via een datingsite hebben ontmoet en dat hij al helemaal hotel de botel verliefd is en zij nog in de fase zit 'is dit leuk of niet'. Regelmatig kijkt ze op haar mobiel en laat iets zien aan hem, wat hij geweldig vind. En dan weer die kus, wat afwerend van haar kant. In elk geval doet hij zijn best.
Na een uurtje stappen ze op, hij betaalt, de galante gozer. Hij slaat zijn arm om haar heen en trekt haar naar zich toe. Nou vooruit, dat laat ze toe en slaat haar arm om hem heen.
Helaas zullen we nooit weten hoe het echt in elkaar zit. Als de Man mij een kus geeft, kijk ik hem diep in zijn ogen en kus hem terug. Zacht. En dan giechel ik ook. Maar misschien komt dat door mijn derde gin tonic.......
De les van de fles
Er waren altijd speciale wijnen waar hij zuinig op was. Hij trok graag een fles wijn voor ons open, maar wilde wel zelf bepalen welke. Zo had hij op gegeven moment een fles chateau Margaux waar hij zuinig op was. Steeds weer zei hij: 'nee, deze bewaar ik voor een speciale gelegenheid'. Wat je ook zei, de fles bleef dicht. Welke speciale gelegenheid het was, dat was nog niet duidelijk, maar het lag ergens in de toekomst.
Helaas overleed mijn vader in 2010. De fles (en meerdere goede flessen wijn) had hij nooit geopend. Op de avond van zijn begrafenis waren met ons gezin bij elkaar, de pizza's waren bezorgd en plotseling opperde iemand dat we die fles wijn wel konden openen. Dit was een verdrietige gelegenheid, maar zeker wel een speciale. Toosten op pap, onze Francofiel.
De fles werd geopend en de eerste wenkbrauwen werden opgetrokken. Vreemde kleur, veel droesem onderin. Glazen werden ingeschonken, maar de eerste slok werd al uitgespuugd. De smaak was verschrikkelijk! Een tweede bijzondere fles werd opengetrokken, maar precies hetzelfde.
Pap had zo lang gewacht op die ene speciale gelegenheid, dat de wijn niet meer te drinken was. We waren teleurgesteld.
Ik heb er nog lang aan gedacht en over gepeinsd en mijn conclusie is keer op keer:
wacht niet tot die ene speciale gelegenheid, wacht niet tot het vrijdag is of weekend, wacht niet tot die 5 kilo eraf of het vakantie is, wacht niet met het leven vieren, want je leeft nu!
dinsdag 18 augustus 2020
Stukje vooruit en weer even stilstaan.
zaterdag 28 september 2019
Berenklauw
Eerst zijn ze groen maar hoe verder de zomer vordert, veranderen ze in bruine imposante planten.
Ik weet dat je groene berenklauwen nooit mag plukken met blote handen, want dan loop je grote kans op ernstige blaren.
Maar nu zijn ze bruin en klaar om geplukt te worden.
Er is echter een probleem: ik durf niet.
Ik rij de route niet voor niets 3 keer per week, ik ben dan op weg naar een vorm van therapie voor onder andere het tackelen van mijn angsten inclusief oorzaak en gevolg.
En ik heb heilig ontzag voor eventuele mannen en vrouwen met gezag, die me kunnen corrigeren en bevragen: 'maar mevrouw, wat doet u nu?'.
Het gekke is dat ik echt niet zou weten waarom ik die planten niet zou kunnen plukken, maar de angst voor, is al genoeg om het te laten.
En zo rij ik likkebaarden langs die enorme reuzen die ik zo verschrikkelijk mooi vind.
Man gaat af en toe mee naar die plek van therapie en lacht me uit, elke keer weer.
Of hij zegt: 'maar schat, er zit een sloot tussen, dat is niet te doen!'.
Dan komt er een dag. Een vrijdag. De zon schijnt.
Ik heb een gesprek met mijn regiebehandelaar wat diep, zeer diep gaat. Ik zie trauma onder ogen en huil, schreeuw, vloek. Ergens diep van binnen komt er een gedachte: 'maar ik kan dit wel, ik kom hier doorheen'. Een openbaring.
Met de adrenaline nog in mijn lijf rij ik weg richting de berenklauwen. Dan komt de gedachte: 'fuck it! Ik ga het gewoon doen!'.
Ik rij naar de rotonde, volledig rond en rij weer terug. Ik parkeer de auto langs de kant van de weg en sprint naar de overkant. Niemand stopt, niemand zegt iets.
Ik kijk naar de berenklauwen en ontdek: Man heeft gelijk, er zit een sloot tussen. Met water erin.
Ik kijk, schat de breedte van de sloot, neem een aanloopje en .........spring half in de sloot en zak weg in de modder. Mijn voet zuigt vast en ik wrik 'm los en klauter de kant op.
En dan moet ik heel hard lachen, ik ben met mijn witte sneakers gewoon in de sloot gesprongen.
De sneakers zijn vies en onder de modder net als mijn sokken en onderste deel van mijn benen.
Maar ik sta er! Prachtig grote berenklauwen voor mijn neus. Mijn moed neemt toe en ik bedenk dat ik er dan ook persé 1 wil die achter het hek staat. Hij knapt makkelijk af en ik takel 'm over het hek.
Een snoepwinkel, welke wil ik hebben? Nog 2 mooie. Dan sta ik met 3 enorme berenklauwen in mijn handen en ik blijf maar grinniken en grijnzen.
Tja. Nu moet ik terug over de sloot met die giganten in mijn handen en hoe doe ik dat?
Een stukje verderop lijkt het iets minder breed en inderdaad, ik kan eroverheen springen zonder nog een keer in de sloot te belanden.
Ik wandel het stukje terug naar de auto. Nog steeds niets gebeurd. Er fiets een mevrouw langs, ze ziet de planten in mijn handen, lacht en zegt: 'hallo!'.
Oh.
Bij de auto fietst er een meneer langs die opgewekt: 'hoi!' zegt.
Ook nu gebeurt er niets. De planten passen net in de auto.
Ik ook met mijn zwarte voeten en ik rij naar huis. Ik kan niet ophouden met keihard te lachen in mezelf: 'ik heb het gedaan!! Ik kan het!!'.
maandag 18 juni 2018
Haast om te leven
There is purpose in your season of waiting.Vrij vertaald voor mij: er is betekenis in de tijd dat je wacht.
In de afgelopen maanden werd duidelijk dat de GGZ waar ik naar verwezen was, niet de juiste plek is. Men vertelde me dat de juiste expertise niet aanwezig was en dat ze huiverig waren om met me aan de slag te gaan in gesprekken.
De vraag die centraal lag, was of ik wel 'genoeg grond onder mijn voeten had'. Oftewel: kon ik traumatherapie aan?
Mijn psychiater kwam met de suggestie om me door te verwijzen naar een derdelijns GGZ instelling, een Traumacentrum met veel expertise in PTSS en trauma.
Na lezen, praten en dubben besloot ik daar voor te gaan.
En toen bleek er een wachtlijst te zijn. Niemand kon duidelijk aangeven hoe lang. En dat frustreerde me. In mijn hoofd maakte ik steeds berekeningen over wanneer ik dan kon starten, hoe dat voor of na de zomervakantie zou zijn, of er dan wel genoeg informatie zou zijn voor de Ziektewetuitkering....
In de tussentijd liep mijn contract af bij mijn werkgever, waarmee ik in goed overleg had besloten om het contract niet te verlengen. Het re-integreren stopte en ik nam afscheid.
Verbazingwekkend genoeg miste ik het werk niet. Sterker nog: ik was opgelucht dat de druk van werk opbouwen weg viel. Ik kreeg lucht om rond te lummelen, met beton te spelen, voor me uit te staren..... en na 6 weken merkte ik dat ik meer energie kreeg!
De angsten bleven weg en er vielen steeds meer kwartjes op zijn plek. Tussen de angsten door en de paniek speelde ook een burn out mee.
Mijn leven moest on hold. Geen grootse doelen, maar rust. Rust in mijn hoofd en in mijn lijf.
Ik merkte ook dat de rugpijn door een ontstoken zenuw niet meer aanwezig was en het lukte me zelfs om pijnmedicatie af te bouwen.
In mijn haast om te leven, om zo gauw mogelijk verder te kunnen vergat ik steeds weer dat het oké is om te wachten. En dat die tijd juist kostbaar is.
Dat deze periode me juist de mogelijkheid geeft om vaste grond te krijgen en straks een intensieve therapie aan te kunnen.
Als ik wacht, sta ik niet stil. Mijn leven staat niet stil, het vertraagt alleen maar. Dit geeft mogelijkheid tot herstel, tot opbouwen. En dat is nu de betekenis in mijn wachten.Inmiddels heb ik de eerste gesprekken gevoerd en over een aantal weken komt er een advies.
Dan volgt een zomervakantie en daarna ga ik starten. In rust.
En zo zoemt regelmatig de vraag door mijn hoofd die God zacht aan me stelt:
Wat doe je met de tijd die je gegeven is?
woensdag 31 januari 2018
De droom, de Kitchenaid en de nachtmerrie.....
Vooral dat bakken mag hij graag doen en al meerdere keren keek hij likkebaardend naar het programma Heel Holland Bakt en in het bijzonder naar de apparaten daar in de keuken.
Een Kitchenaid. De keukenmachine.
In het programma hebben ze van die kekke kleuren en daarbij is de machine ook nog robuust en stoer om te zien.
Staat ook leuk op ons aanrecht had Man bedacht. Maar wat zijn die apparaten duur in aanschaf! Ja onverwoestbaar zeker, dus dan heb je ook wat.
Enfin.
In een huishouden met 2 pubers is er altijd wel iets anders wat voorrang heeft op een keukenmachine.
Maar daar is ook Marktplaats en staat de apparaten te kust en te keur. Nog steeds stevige prijzen of potentiële kopers die de prijzen opdrijven, maar altijd goedkoper dan een nieuwe.
Ik zat regelmatig te speuren op Marktplaats, wie weet was er 1 dichtbij die betaalbaar was?
Op een goede dag spotte ik een zwarte in Rotterdam. €295. Slik. Een hap geld, maar aanvaardbaar in prijs en een geweldige verrassing voor Man.
Ik vroeg een Vriendin die in Rotterdam woont, of ze de machine wilde ophalen en versturen naar mij en dat wilde ze.
Vriendelijke berichtjes met de verkoopster gingen heen en weer en op 11 december arriveerde een grote doos! Hoera!
Man kreeg de eer om de doos uit te pakken en op het aanrecht te zetten. Licht uit en geluid aan!
Standje 1: het geluid van een F16 die door de geluidsbarrière gaat......
en zo tot stand 10.
Ai. Dat klonk niet goed! 'Misschien komt het door de kou en moeten we 'm even laten staan', opperde ik wat onnozel.
Man begon te mopperen en zei lelijke dingen.
Wat we ook deden, de Kitchenaid bleef idioot veel geluid produceren.
Ik appte Vriendin of de verkoopster de machine nog had gedemonstreerd, Vriendin schrok en zei: 'nee, dat ging helemaal niet daar (driehoog achter, eenzame mevrouw) en nu voel ik me lullig dat ik geen demonstratie heb gevraagd'.
Dat begreep ik volledig, ik had er ook niet om gevraagd, sterker nog: ik was weer eens volledig uitgegaan van het goede van de mensheid.
En daar zaten we. Veel geld armer en een machine die kapot was. Ik stuurde vriendelijke berichten, vervolgens boze berichten en nog later een dreigend bericht naar de verkoopster, maar die reageerde uiteraard niet meer.
'Misschien moeten we 'm laten nakijken bij zo'n kookwinkel in de stad', zei ik tegen Man, maar volgens hem 'kostte dat nog veel meer dan we hadden betaald', dus hij toog naar een 'Manus van alles winkel' waar aardige mannen beloofden hun best te doen.
De berichten werden steeds droeviger. De machine was van een wat ouder type en het was de motor die kapot was en ze gingen proberen om een motor te bestellen via 1 van hun leveranciers.
Het uiteindelijke oordeel was dat de motor niet meer te bestellen was en de Kitchenaid toch echt kapot was.
Ja en ik nu dus ook. Ziek was ik er van. €295 door de neus geboord.
Man dacht nog weer eens na. 'Als ik nu toch nog eens die kookwinkel in de stad bel', zei hij peinzend. Bij de kookwinkel was hij van harte welkom.
En toen gebeurde het wonder. In de kookwinkel bekeek men de machine, zocht het serienummer op in de computer en wat bleek: de machine was ongeveer 5 jaar oud en er zat garantie op!
De machine werd opgestuurd en kosteloos gemaakt!
Een week later zei Man blij: 'je mag morgen de machine ophalen' en ik reed de volgende morgen onmiddellijk naar de kookwinkel. Gemaakt en nul euro aan kosten.
Een nachtmerrie die toch een droom werd. De Kitchenaid staat te shinen op het aanrecht en de motor zoemt als een naaimachientje.
Man is blij. Ik ook.
Mijn vertrouwen in de mensheid is weer een beetje opgekrikt......
zaterdag 30 december 2017
Gewoon een nieuwe dag. Omkijken en vooruit kijken.
Zo aan het einde van 2017 ga ook ik terug kijken op het afgelopen jaar. Zeer tegen mijn zin, ik ben er ooit mee opgehouden, dat terug kijken en evalueren. Just another day, dat nieuwe jaar..
Maar dit keer voelt het anders. Dit jaar was een coming out voor trauma wat al zolang dwars zat en ergens verborgen in mijn lijf.
Een jaar waarin veiligheid en onveiligheid een belangrijk thema werd.
Er begonnen en beginnen nog steeds puzzelstukjes op de plek vallen en het heeft prioriteiten doen veranderen.
Een paar dingen die ik graag met je wil delen.
"Dat is misschien wel een van de oerneigingen van de mens: hoe kan ik ontsnappen aan het doodgewone. En er zit iets onder, namelijk het geniepige gevoel dat dit leven het niet kan zijn, niet genoeg, niet alles. Er moet meer zijn, het moet perfecter zijn, grootser".-> Ik heb dagen met deze blog in mijn hoofd rond gelopen. Ontevredenheid met mijn leven. Is dit het? Dit vechten, dit doorgaan, weer een dip, weer het verdriet waar ik mijn gezin mee opzadel.
Woest werd ik er soms van. Waar zijn de slingers en de fanfare?
Creatov beschreef in een blog net voor kerst dat God te vinden is in het doodgewone, in wat voor handen ligt. Waar zoek ik God?
"Ik vermoed dat ik en jij hem veel te vaak over het hoofd hebben gezien. Misschien herken je hem niet, omdat hij verborgen zit in de ander. Misschien herken je hem niet, omdat hij verborgen zit in het gelukkige toeval. Misschien herken je hem niet, omdat hij verborgen zit in de aandachtige verbinding met de ander. Misschien herken je hem niet, omdat hij verborgen zit in de zorg voor wat stuk is. Misschien herken je hem niet, omdat hij verborgen zit in je alledaagse, gewone, en misschien wel saaie leven".Nog steeds peins ik erover, maar ik merk dat deze denkwijze me stukje bij beetje veranderd. God zien in het gebrokene, in mijn verdriet maar ook in het zorgen voor mijn gezin, in de bruine boterham, in ....... alles. Niet langer op zoek naar de kick, naar grootsheid maar geluk vinden in het kopje koffie bij mijn therapeut. Ook daarin.
-> Ik las het magazine Precious en beloved deze zomer, voornamelijk in zuid-Frankrijk waar ik me zo rot voelde en de hangmat een fijne cocon was. Een van de hoofdstukken heet Dromen en ambities en kwam de vraag: waar droom jij van? Het bleef leeg, de ruimte waar ik van alles kon neer pennen.
Ik kwam tot de ontdekking dat ik ergens ben gestopt met dromen, uit een soort pessimisme: het wordt toch niks. Fatalisme.
Zou ik het nu moeten invullen, dan zou het nog lastig zijn, maar toch. Het confronteerde me deze zomer dat ik nooit meer denk aan mijn droom over een eigen kringloopwinkel met een ruimte voor mensen die niet mee kunnen draaien in de maatschappij en graag ergens in een stoel willen ZIJN.
-> Sinterklaas? Hé nee, geen zin meer in zeiden Zoon en Dochter dit jaar, wij willen cadeautjes met kerst! Oh. Hoe doe je dat dan, vroeg ik. Tja, dat wisten zij ook niet.
Het werd ruimte voor een nieuwe traditie. Cadeautjes onder de boom, die in de dagen ervoor eronder komen te liggen. Voorpret. Hoe mooi, een nieuw ritueel voor alleen ons gezin.
-> En met die nieuwe traditie kwam de onvermijdelijke vraag: wat wil je dan hebben? Dan blijk ik voor de anderen een aantal dingen te verzinnen, maar voor mezelf niet.
Ach riep ik nog, doe maar een uitbreiding van het servies. Nee mam, zei dochter streng: vraag nu eens iets voor jezelf, echt helemaal voor jou.
Ik werd er stil van. Weer die vraag: wat wil ik dan. Altijd maar weer die vraag die terug komt en waar ik zo vaak het antwoord naar moet zoeken: wat wil ik dan?
Het werd het mooie magazine van Liefke. Klein beginnen.....
Hoe ga ik 2018 in? Dankbaar. Herstel heeft ingezet door een goede behandeling voor mijn angst.
Nog net in de laatste week van 2017 heb ik een stapje gemaakt richting werk.
2018 wordt niet groots of meeslepend. Het goede ligt voor mijn voeten, in het alledaagse.
Ik wens je hetzelfde.
donderdag 2 november 2017
Schuld(ig)
We zitten samen in een van de spreekkamers van het gebouw waar de acute psychiatrie zit. Het is 1 van de laatste gesprekken die ik daar zal hebben.
Het team geeft kortdurende zorg, zo'n 6 - 8 weken en dan wordt de zorg overgenomen door een ander team of bij een andere instelling. Therapie of nazorg.
We nemen mijn signaleringsplan door, wat zoveel wil zeggen dat er 4 fases zijn met symptomen oplopend van niets aan de hand tot crisis en wat ik of mijn naasten kunnen doen.
Dat plan zit me niet lekker. We focussen voor mijn gevoel op wat ik niet goed doe. Immers: waar komt anders de angst, de dips en de laatste crisis vandaan.
De tranen schieten in mijn ogen en dat ziet hij. 'Is dit lastig voor je?'.
Ik zoek naar woorden. En dan zeg ik: 'ik vind het moeilijk omdat het me zo confronteert met wat ik blijkbaar niet goed doe'.
Hij kijkt me niet begrijpend aan.
'Als ik weer een dip heb of slechte dagen, dan is de eerste vraag uit mijn omgeving: wat is er gebeurd? Heb je teveel hooi op je vork genomen? Ben je te druk geweest, slaap je slecht?
Dus kennelijk doe ik iets niet goed, want anders zou het niet steeds fout gaan in de afgelopen jaren'.
En dan zit ik echt hard te huilen. Ik ben zo moe. Er lijkt maar geen einde te komen aan het praten, het analyseren.
'Nee!!', zegt hij. 'Nee, dat is echt niet waar. Dat moet je echt niet denken! HET IS NIET JOUW SCHULD', benadrukt hij.
En dan begint hij uit te leggen. Een verhaal wat gaat over de heftige crisis van 7 jaar geleden, over triggers, over trauma, over angst wat nooit minder is geworden. Dat het niets te maken heeft met wat ik doe, maar veel meer met herinneringen aan dat trauma. Over kwetsbaarheid als mens.
Nu ben ik degene die verbijsterd achterin de stoel zakt. Ik heb honderdduizend gedachtes gehad over mijn angsten om weer onderuit te gaan, de angst voor de angst. Geprobeerd erom heen te gaan, niet aan denken of juist wel. Geprobeerd me stoer op te stellen, kwetsbaar, hard door te rennen en niet te denken aan angst, verdringen. Het hielp niet.
Maar ik kon er dus niets aan doen.
Het was niet mijn schuld.
Wanneer ik later in de auto stap en naar huis rij, zingt het door mijn hoofd: het is niet mijn schuld.
Ik ben zo opgelucht, zo opgelucht. Er is een last van me afgevallen, ik hoef niet krampachtig te leven.
2 weken later bevestigt een psychiater zijn uitleg. Het heeft een naam: PTSS.
En daar zijn behandelingen voor.
Er komt echt weer licht aan het einde van deze tunnel.
vrijdag 13 oktober 2017
Love had called my name
Een zin.
Love has called my name. Die zin.
Ik maakte een banner en nu hangt het in de woonkamer en lees ik het iedere dag weer. Een reminder.
'Love' has called my name.
Niet: 'je moet doen' has called my name.....', niet: 'hard werken' of: 'het is je eigen schuld'.
Maar Liefde. Pure Liefde.
Love = God.
De enige die in mijn ogen volledig betrouwbaar en veilig is.
(de zin komt uit het lied: No longer slaves van Jonathan en Melissa Helser).
zaterdag 7 oktober 2017
Opstandig
Hij loopt vaak onmiddellijk op de afdeling boeken, sectie Kunst af en ik marcheer in hoog tempo maar het servieswerk, op zoek naar dat ene blauwe kommetje wat ik aan mijn steeds groter wordende collectie blauwe kommetjes met een design erop toe kan voegen.
Dit tot grote wanhoop van de familie overigens. Die collectie is al veel te groot, maar ik zeg altijd: 'je kunt nooit genoeg blauwe kommetjes hebben'. Jaja, foute uitspraak, I know.
Daarna ga ik langs huishoudelijke artikelen, lees: Tupperware shit en dan wandel ik naar de potten en vazen, wellicht scoor ik een vintage vaas met Germany eronder. Goud geld waard.
In die hoek waar ook de afschuwelijke vaasjes en waxinelichthouders staan beplakt met brocante lintjes, staat een mand met op het oog tegeltjes erin.
Ik jaag nog altijd op tegeltjes met een botanische afbeelding erop, vintage bij voorkeur. Ik ben namelijk niet van de brocante maar van het botanische.
En dan valt mijn oog op een tegeltje...............
Ik lees de tekst nog eens. Ik voel een boosheid opkomen. Pardon? Ik vind dat ik momenteel zwaar beproefd wordt, maar krijg dan de opdracht om aan anderen te denken? Hoezo?
Ik app een foto onmiddellijk naar een vriendin en krijg de reactie: "Wauw...heftig.. maar ook wel mooi..kringloop?"
Ik antwoord: 'Yup. Ik vind m stom en heb m op de grond gesmeten'. Antwoord: "Hahahaha moooooi".
Verder grabbelen in de mand en ik veronderstel dat iedereen mijn mond ziet bewegen, zo giftig word ik van de tekst. Enfin, de mand is verder waardeloos en ik kwak het tegeltje in de mand en de mand op het rek.
Gelukkig verlaat ik het pand met 2 potjes met botanische afbeelding waar Man wat om gromt en ik mijn aankoop naar hem verdedig met 'voor mijn Pilea stekjes', een grote schaal waar hij nog valser naar kijkt, 'voor een salade, veel gezelliger dan die Tupperware bak nu', een cd van Jacques Brel en een boek.
Hij heeft natuurlijk weer een kunstboek en 2 lijsten waar ik naar grom en waarvan hij dan weer vind 'dat ik de waarde ervan niet zie'.
's Avonds stuur ik de foto door naar iemand waarvan ik ook vind dat ze zwaar beproefd word.
Antwoord: 'ooooooo errrrrruuuuuug'.
Ha! Zie je nou wel!
En dan gaan we los met uitspraken die we allebei horen maar totaal niet helpen:
God geeft je niet meer dan je kunt dragen Alles is mogelijk voor wie gelooft In Hem meer dan overwinnaar!Ik weet het wel. Het is de pijn die ik voel, het verdriet dat ik weer door een crisis moest gaan en nog steeds aan het herstellen ben met ups en downs, het grote gevoel van eenzaamheid wat keer op keer terug komt, de dagen dat ik moed moet verzamelen of toch weer een tabletje slik om wat rust te vinden.
Onder angst zit altijd boosheid en onder die boosheid komt ik altijd weer bij verdriet uit. Verdriet om zoveel dingen die moeilijk waren en nog zijn.
Ik steek mijn tong uit naar het tegeltje en denk aan een lied en wat regels daaruit wat ik mee draag in mijn hart:
dinsdag 3 oktober 2017
Herstellen
Dat is genieten van een 'goede' dag en me bijna bedrogen voelen als er toch weer een dag komt met vermoeidheid, met angst gedachtes, met 'stel je voor dat's'.
Herstellen is accepteren dat het tijd kost en niet wordt verholpen met 'even rustig aan doen'.
Het is mijn leven onder de loep leggen en patronen proberen te onderkennen, ongezonde patronen die -als ik het maar lang genoeg volhoud- me onderuit halen.
Ik ontdek steeds meer dat ik haast heb om te leven, nog gauw even dit en dan pak ik ook dat. De ene activiteit is nog niet afgerond of het andere 'kan er nog gauw' wel even achteraan.
En ondertussen draait mijn hoofd net zo hard mee.
Ik leer onderkennen dat het geen leven is, maar overleven. Ik overleef mijn eigen leven.
Hoe pijnlijk om te zien dat niemand het van me vraagt, maar dat ik zelf degene ben die het doet.
Nog pijnlijker vind ik dat mijn hoofd het allemaal wel weet, maar erbij stil staan, voelen....dat is nog moeilijker.
En toch zitten er in dat proces van herstellen, het omhoog krabbelen, lichtpuntjes.
Ik leer namelijk dat een situatie op meerdere manieren bekeken en aangevlogen kan worden. Dat ik keuzes heb in het leven. Dat -en dat is het meest verrassende- door die keuzes het leven soms makkelijker is dan ik denk!
Ik leer bewuster te leven. Wat plan ik wanneer, hoeveel energie gaat het me kosten en is dat het waard?, dat mijn lat verschrikkelijk hoog ligt voor mezelf en dat het dus belangrijk is om bij beslissingen een heel stuk lager te gaan zitten.
Niet alles hoeft en wat wel moet, kan vaak ook op een ander tijdstip of een andere dag.
Het is intens vermoeiend, herstellen.Niet alles wat kan, hoeft.
Tot mijn grote geluk is er nog steeds een team met sociaal psychiatrisch verpleegkundigen wat me begeleidt en waarmee ik regelmatig contact momenten heb. Zij zijn degenen die de pijnlijke punten bloot leggen maar ook weer aanmoedigen om door te gaan, om het goede te zien.
De grootste les uit deze crisis is en blijft toch: vertraag je leven. Hoe fijn is dat, om niet door te gaan tot de vermoeidheid en de moedeloosheid toe slaan, maar om energie te behouden. Om de voortrazende gedachtes tot rust te manen. Mezelf de moeite waard vinden om te vertragen en stil te staan, simpelweg omdat het gezonder is.
Ik ben er nog niet, nog lang niet! Maar ergens in de verte ligt 'daar is het beter'.
Het komt al een stukje dichterbij.........
vrijdag 22 september 2017
Overgang
Want in de transitie is het werken, verlangen, voelen, vallen, zitten, wankelend opstaan en bang zijn om nooit uit te komen bij 'beter'.
Een angst om vast te blijven zitten in die woestijn van wanorde.
En dus probeer ik te rennen, te jagen en alles aan te grijpen om in dat 'beter' te komen.
Maar het helpt niet.
De waarheid is: ploeteren, stap voor stap, vaak met het hoofd omlaag, soms neervallen en dan maar even blijven zitten. Happen naar lucht.
En te leren een uitgestoken hand niet te negeren, maar vast te grijpen om overeind geholpen te worden en de ander dan aan te kijken, woordeloos maar vol dankbaarheid.
Want de grootste angst is een eindeloze woestijn vol eenzaamheid en de vraag te horen klinken, steeds luider: wat is het nog waard?
zaterdag 16 september 2017
overleven-beleven-doorleven-leven
heel klein beetje
zondag 27 augustus 2017
Vakantie. Of toch niet? en hoe het verder ging.
Er zit nog een ander stel in de wachtkamer. Gelukkig, het is niet druk en waarschijnlijk hoeven we niet lang te wachten.
Mijn zintuigen staan op scherp. Gejaagd gaat mijn blik rond, ik zie folders, de balie met daarachter de assistente die vrolijk en in hoog tempo Frans in de telefoon ratelt (en ik zie haar lage decolleté, de jurk zonder bh eronder) en de bladen National Geographic die op een tafel liggen.
De deur zwaait open, een oude man komt naar buiten (zijn ogen vallen bijna in de jurk van de assistente) en het andere stel verdwijnt bij de arts naar binnen.
'Hmm, dit gaat gelukkig wel snel', zegt Man.
Inderdaad, na 5 minuten komen ze alweer naar buiten en de arts pakt het A4 van de balie waar mijn naam op staat.
Hij probeert het hardop uit te spreken en ik verbeter hem wat zenuwachtig lachend.
We mogen binnenkomen in zijn spreekkamer.
De arts, man midden 50, gaat achter zijn bureau zitten en steekt van wal. Hij heet dokter Philippe Hall, hij is chirurg geweest op 3 verschillende plekken in de wereld die ik niet kan volgen en hij legt uit dat hij een man is die van aanpakken houdt en zo is hij nou eenmaal.
Dat, in het Engels met een zwaar Frans accent.
Vervolgens vraagt hij wat de reden is dat ik ben gekomen.
Ik haal diep adem en begin met trillende stem uit te leggen dat ik een zwaar half jaar achter de rug heb, dat we hier nu op vakantie zijn en dat ik ben ingestort om vervolgens wéér in huilen uit te barsten.
Hij reageert vriendelijk en sussend.
Ik probeer een klein beetje uit te leggen wat er de afgelopen jaren is gebeurt en dat ik dood wilde (onmogelijk want het lukt me bijna niet om logisch na te denken) en dat mijn medicijnen nu bijna op zijn en dat ik daar veel stress over heb en of hij alstublieft nieuwe wil voorschrijven.
Ik vis mijn medicijndoosjes uit mijn tas, maar de arts rukt een la open begint weer met vriendelijke zinnen en houdt opeens een doosje voor mijn neus. Rode snoepjes.
'Kijk eens', zegt hij 'neem eerst maar eens een lekker snoepje'.
Die zag ik niet aankomen en door mijn tranen begin ik te lachen. Een snoepje? Doe maar 1 dan.
'Lekker?, vraagt hij. Euh...ja?
Dan pakt hij de doosjes en leest wat erop staat. Oja, dat herkent hij wel. Weer gaat een la open en hij pakt een vel papier en begint mijn naam en adres op te schrijven en daarna de namen van de medicijnen en de sterkte.
Ik haal opgelucht adem. Oxazepam in the pocket. Gelukkig. De man mompelt ondertussen wat door terwijl hij schrijft en vraag dan hoeveel oxazepam ik per dag slik.
Tja. Ik antwoord dat het ongeveer 1, maximaal 2 van 10 milligram per dag zijn. Zijn ogen worden groot en dan begint hij hard te lachen. 'Zo weinig?', vraagt hij. 'Ik ken mensen die met gemak 150 milligram per dag slikken. Pfffff. Dat is niks wat jij inneemt'.
Ik grinnik en zeg iets terug over verslavende medicijnen. Hij snuift nog eens en schrijft verder.
'Goed'. Hij geeft het vel papier aan me en ik zie dat hij niet alleen oxazepam heeft voor geschreven, maar ook de medicijnen die ik iedere dag slik, de antidepressiva. Geeft niet denk ik bij mezelf, extra doosje kan nooit kwaad. Ik spiek nog even hoeveel tabletjes oxazepam hij heeft voorgeschreven, ik meen 10 stuks te zien. Dat schrijft mijn huisarts ook altijd voor.
'Je neemt de medicijnen en ga lekker leven. Ga gewoon bij het zwembad liggen bakken en draaien en wordt dronken. Dat is veel beter'.
Man en ik barsten in lachen uit. Bij het zwembad liggen en dronken worden. Fantastisch recept.
'En dan ga je nu naar de assistente en betaal je 25 euro, oké?'.
Bij de deur geeft hij me een hand en zegt dan ernstig: 'don't kill your self oké?'.
Ik schud mijn hoofd.
We betalen bij de assistente en lopen naar de apotheek. Daar barsten we wederom in lachen uit. De beste man heeft me 2 doosjes van 30 stuks voor geschreven! Halleluja, dank u wel!
Als we weer terug rijden naar de caravan, voel ik me iets beter, wat helaas later op de dag weer wordt ingehaald door veel angst. De volgende ochtend bel ik toch naar Nederland naar mijn huisarts, waar we samen concluderen dat het beter is als de dosering van mijn antidepressiva omhoog gaat.
En wederom ben ik de dokter Hall dankbaar, omdat ik dankzij hem een extra doos heb en ik nu weet dat in de loop van de dagen de angst zal verdwijnen.
De volgende dagen lig ik veel met hoofdpijn en duizeligheid in de hangmat. Maar de angsten verdwijnen en de laatste 3 dagen van de vakantie voelen weer als vakantie.
De vakantie? Geen onverdeeld genoegen. Maar uiteindelijk hoefde ik niks, alleen maar wiegen in de hangmat en mijn medicijnen slikken.
En van de 60 tabletten oxazepam......heb ik er uiteindelijk maar 1 van geslikt, iets waar ik nog steeds om grinnik.
zaterdag 26 augustus 2017
Vakantie. Of toch niet?
Ik heb ernaar uit gekeken, over gedroomd. De laatste 2 weken waren zwaar, ik klaagde regelmatig tegen Man dat ik zo moe was dat ik me bijna down voelde. In het laatste werkoverleg met mijn collega's zat ik in tranen, ik zat aan mijn tax zei ik en niemand nam het me kwalijk.
Sterker nog, ik kon nog een paar diensten kwijt zodat ik, naar ik dacht, niet kapot op vakantie zou gaan.
Zondagmorgen rijden we weg en de eerste nacht staan we op een doorgangscamping, net na Parijs.
Ik geniet van de caravan en de kinderen en onze grapjes.
Maandagmiddag komen we aan op de camping in zuid-Frankrijk en was is het er warm! 32 graden. Caravan op z'n plek, luifel eraan, tent voor de kinderen opzetten, avondeten bedenken. Het irriteert me mateloos, ik word kortaf, snauw tegen iedereen om me heen om er ook meteen weer spijt van te hebben.
Maar we zijn op vakantie, eindelijk!
En dan gaat het mis. Ik merk dat ik een bonkend hart heb, een gevoel alsof ik ergens razend zenuwachtig voor ben, angst bekruipt me, ik huil en merk dat mijn gedachten beginnen te razen.
Alle alarmbellen gaan af, dit is niet goed! Ik krijg weer een dip! Ik zit in zuid-Frankrijk, wat nou als..... ik zak weer weg, oh help, straks krijg ik weer die afschuwelijke gedachtes, moet ik weer opgenomen worden en en en.....
Die nacht kan ik door de hitte niet slapen, ik loop maar heen en weer naar het toilet, ga buiten op een stoel voor me uit staren in het donker en die eindeloze stroom van gedachten kan ik niet stoppen.
Man kent me. Kijkt nergens van op. Probeert me moed in te spreken. Nee, je gaat niet meer onderuit, je bent sterk, je komt hier weer door heen. Je hebt een zwaar half jaar achter de rug, dit gebeurt als je stil staat.
Wat moet je ook alweer doen als dit gebeurt? Maar niets helpt. Ik neem een rustgevend tabletje, oxazepam. Nog 1, een halfje om te slapen en een nieuwe angst vliegt me aan.
Ik heb er nog maar 5 en dan nog maar 4, 3 1/2. . Mijn hoofd begint opnieuw overuren te draaien, hoe kom ik aan nieuwe tabletjes. Kunnen die opgestuurd worden met spoed vanuit Nederland?
De kinderen zijn er stil van. Doen ook hun best om me moed in te spreken. Maar ook dat lukt niet en mijn stemming beïnvloed ons allemaal.
Ik pijnig mijn hersenen, wat gebeurt er nou? We zouden heerlijk op vakantie gaan, leuke dingen doen. Ik had genoeg te lezen bij me, er is een zwembad, ik droomde van glazen wijn en stokbrood met Franse kaas. Ik verpest de vakantie van ons allemaal. Het is ook altijd hetzelfde.... de vicieuze cirkel gaat maar door.
En dan is het woensdagmorgen. Eindeloos lange uren later. Ik sta op en loop resoluut naar de receptie. Er moet een huisarts in de buurt zijn. Ik moet iets doen, want als dit zo doorgaat, dan draai ik door. Bij de receptie barst ik onmiddellijk weer in huilen uit en vraag snikkend om de huisarts. Geschrokken legt het meisje uit waar ik die kan vinden.
Terwijl ik me omdraai om terug te lopen naar de caravan, bots ik bijna tegen een oudere vrouw op.
Bezorgd vraagt ze wat er aan de hand is en weer begint ik te huilen. 'Kom eens met me mee, dan krijg je een kop koffie en praten we even'. Het is één van de eigenaren van de camping.
We komen Man tegen die bij ons komt zitten. Ik doe mijn verhaal en ik zie aan haar gezicht en glimlach dat dit niet de eerste keer is dat ze zo met een gast zit.
Ik vertel haar hoe ik erbij zit, dat ik naar de huisarts wil, dat ik de vakantie van iedereen verpest, dat dit niet de bedoeling was en 'dat vakantie leuk moet zijn!'.
Ze luistert, stelt wat vragen, geeft antwoorden die ik eigenlijk alweer vergeet, maar er blijft 1 ding hangen, een lichtpuntje een strohalm: 'weet je, vakantie moet niet leuk zijn. Ik hou niet van dat woord leuk wat meteen vetgedrukt is. Vakantie mag fijn zijn'.
Vakantie mag fijn zijn. Ik haal diep adem. Hier kan ik iets mee. Ik moet niks. Er mag iets.
Even later stappen Man en ik in de auto richting het dorp. Op naar de huisarts en oxazepam.
(wordt vervolgd)
-
In de schuur stond nog een grote pot in de kleur wit. Ooit stond daar een plant in met de prachtige naam 'Paradijsvogelplant alias Strel...
-
Ooit had ik creatieve therapie en daardoor sleepte ik verf en doeken het huis in. Het was lekker om wat aan te klooien, maar degene die er ...
-
Zaterdagmiddag. We komen terug uit de stad, Man-Dochter-Ondergetekende. Ik herinner me dat ik nog iets moet ophalen bij onze vrienden/bur...























